Verlicht worden (of zijn) heeft alleen betekenis vanuit een IK. Alleen als er een IK is die de inner-vrede ervaart zal die ervaring betekenis hebben.
Als het IK word losgelaten, moet ook verlicht zijn losgelaten worden. Dat kan immers geen betekenis hebben als er geen IK is om het te ervaren.
Alleen een IK is in staat te zoeken en iets te ervaren met betekenis. Zonder IK kan er niet worden gezocht en daarom zal het zoeken zelf altijd in de weg staan.
Zonder doel, zonder eind, zijn mijn ervaringen betekenisloos. Is mijn leven betekenisloos. Ik dacht dat ik geaccepteerd had dat het leven nutteloos is, maar dat is wat ik gewoon tot doel had gemaakt. Door een (toekomstige) ervaren verlichting te noemen , kan het wat ervaart wordt betekenis geven. Een reden waarom het gebeurt.
Het is volledig beseffen dat de uitspraak “IK ben verlicht” geheel betekenisloos is.
Het lichaam (dat je denkt te zijn) geeft niks om verlichting of vrede of wat dan ook. Het ademt omdat het ademt, zonder reden, zonder betekenis. Het eet, omdat het eet.
We geven het allemaal betekenis door dingen als honger en doodgaan. Maar het lichaam heeft geen flauw benul van die dingen en doet wat het doet geheel zonder een van die verzonnen redenen.
Het lichaam maakt het geen zak uit of er verdriet is of blijdschap, angst of vrede. Het zal gewoon ademen omdat het niet anders kan en wil.
We verzinnen wel IK die van alles nodig heeft en denken dat het lichaam dat ook nodig heeft. Dat als IK sterf, het lichaam zal sterven.
Het een heeft niks met het ander te maken.
We proberen via het lichaam onszelf te bevredigen, door sex, eten of andere ervaringen. Het zal nooit gebeuren. Het is niks anders als een verslaving om een goed gevoel te creëren, een geluksmoment. Die alleen kan bestaan door te lijden. Geef het geluk op en je lijden zal ook stoppen.
Ik schreef al vele malen eerder en al lang geleden dat ik moeite heb om “de ander” los te laten. Ik weet al heel lang dat ik mezelf niet gelukkig kan maken (het is onzinnig) en dat ik in feite niet besta. Daarom gaan de verhalen in mijn hoofd voornamelijk over een ander. Want die maak ik dan wel echt, blijf ik stiekem wel geloven dat ik een ander wel gelukkig kan maken. Niet IK die een ander gelukkig kan maken, maar vertellen hoe ze het zelf kunnen vinden. Dus dan wordt ik een bespiegeling van hun eigen lijden. Mensen willen dat echter helemaal niet, ze willen hun eigen verhalen bevestigen en dus botst het. Het is een vorm van ego dat ik niet kan accepteren dat mensen zichzelf voor de gek houden.
Het heeft IK gewoon vervangen met “de ander”. Het speelt gewoon weer een spelletje.
Het is dus IK die mij voor de gek blijft houden, terwijl ik weet dat het niet echt is.
Als IK geen betekenis kan geven aan de ervaringen en gevoel dan doet dat het gewoon via “de ander”.
Waarschijnlijk dat ik daarom zulke fases heb gehad waar ik constant op zoek was naar nieuwe vrienden enzo, het was een verkapte zoektocht om de dingen weer betekenis te kunnen geven.
Als erover wordt nagedacht. Wil ik andere mensen kunnen helpen, dan moet ik ook accepteren dat ze zichzelf voor de gek houden. Moet ik het verhaal dat ze zichzelf vertellen accepteren. Alleen via acceptatie komt bevrijding. Ze kunnen alleen zichzelf bevrijden, via hun eigen verhaal. Als hun verhaal geen ruimte heeft voor mijn verhaal zal er toch niks veranderen. Ze moeten via hun eigen verhaal de onzin van dat verhaal inzien. Vertellen dat het verhaal op zich onzin is zal niet kunnen leiden tot inzien dat het onzin is, omdat het alleen zichzelf kan overtuigen. Het verhaal zelf moet dus willen veranderen.
Ook via een ander kan ik mijn eigen ervaringen en gevoel geen betekenis geven.
Het verhaal bij de ander zal ook pas veranderen als zijn ervaringen daarin veranderen. Verandering kan niet alleen komen via het verhaal, maar zal tegelijkertijd via ervaring/gevoel moeten gaan. Dan pas wordt het waarheid. Ik kan ze immers niks anders geven als een verhaal en dat verschilt niet van hun verhaal. Het enige verschil is dat mijn verhaal iets kan triggeren waardoor hun verhaal zichzelf zal veranderen.
En dat is wat “de ander” ook is, een onderdeel van het verhaal dat het denken vertelt. Als het geen verhalen van een Ik kan gebruiken, dan gebruikt het gewoon de verhalen van een ander.
De enige betekenis die er dan nog is, is de betekenis die anderen het geven. Net zo verzonnen als het hele verhaal waaruit ze bestaan 🙂
