Je hebt 2 referentiepunten nodig voor een verhaal. De observeerder en het geobserveerde. Valt een van de twee weg, dan valt ook het verhaal weg.
Het zelf is zijn eigen referentie punt. De slang die zijn eigen staart opeet. Als het stopt met zichzelf te observeren, stopt het verhaal.
Dan wordt er gesnapt dat het er niet is en nooit is geweest.
13:00
Grappig , ik ging er altijd vanuit dat de observeerder en geobserveerde wederzijds afhankelijk waren. Dus ging ik ervan uit dat het geobserveerde moest verdwijnen om het proces te laten verdwijnen.
Maar het zelf is gewoon dat wat naar zichzelf kijkt , de observeerder. Als dat stopt, verdwijnt tijd en het proces.
Het geobserveerde is er nog en ik ben er bewust van, maar het heeft dan geen betekenis meer.
Het is het zelf wat naar zichzelf kijkt en zichzelf ziet als een blokkade om dan iets te doen om in evenwicht te komen. Zelfs op energie niveau. Zelfs als ik doorheb dat ik dat niet ben en ik het niet doe.
Als de observatie stopt, stopt het verhaal, stopt (de ervaring van) tijd.
Dingen als “er moet nog iets gebeuren”, “er gaat nog iets gebeuren”, “wat is er aan het gebeuren?” hebben dan geen betekenis meer.
Er is geen verleden en het verhaal/proces is er dus ook nooit geweest.
Grappig 🙂
